Reisverslagen!      home      overzicht verslagen

 

27 januari - Nouakchott - Bamako

Op de kaart lijkt het een stille weg door de woestijn; de weg van Nouakchott naar Rosso. Maar het tegendeel blijkt waar. Elke km is er een tenten-dorpje, druk bevolkt dus en halverwege is er een dorp waar echt wat te halen is. De grens bij Rosso schijnt vervelend te zijn, dus we bereiden ons mentaal voor op veel gehassel. Helaas komen we net tijdens de siesta en en is de grens dicht en gaat de boot pas om 15.30 uur. Toch kunnen we al wel de poort door en komen in een gebied tussen de poort en de rivier waar de politie met harde hand (of schoen) regeert. Zo hebben we dus niet veel last van kinderen alleen van een jongen die zijn diensten aan ons opdringt. De paspoortcontrole aan de Senegalese kant duurt wat langer, maar vergeleken met de automobilisten kunnen we er snel doorheen.

In Senegal krijgen we pas het gevoel dat we in Afrika zijn. Langs de weg zijn allemaal leuke dorpjes met leuke hutjes. De weg is in het begin wel goed maar later komen er meer gaten. Waar we meer last van hebben zijn de doornen van de stuiken (zeker bij het kamperen). We hebben dan ook de nodige lekke banden. Inmiddels is het ook een stuk warmer, maar water is gelukkig geen probleem. Wel is het lastig om traveller-cheques te wisselen. Dat lukt ons pas in Ouro Sougu. We besluiten om een avond in Bakel te blijven om wat van het Senegalese dorpsleven mee te krijgen. Bij toeval vinden we een geschikte slaapplaats bij 'Jikke' en zoeken 's avonds iets leuks om te eten. Dit valt tegen en we eten aan een tafel op straat bij een vrouw die de pannen klaar heeft staan; het smaakt prima!

De grens van Senegal naar Mali gaat vrij soepel, al missen we eerst de verdekt opgestelde politiepost. Aan de malinese kant moet ook weer het nodige ingevuld worden en een pasfoto en 1000 CFA ingeleverd worden. De weg richting Kayes is onverhard; eerst nog redelijk voor de fiets, maar daarna wel erg veel stenen en ik heb overal last van en alles doet pijn; hopelijk duurt dit niet te lang!! Het dorp dat halverwege zou moeten liggen, bestaat ook niet. Gelukkig, 17 km voor Kayes wel een dorp met fruit en drinken. Vanaf daar zijn ze met de weg bezig en kunnen we stukken op platgewalst terrein fietsen. Verder wordt het wel veel stoffiger doordat er meer verkeer is.

Vanaf Kayes begint het echt ATB-werk. We volgen de weg langs de rivier en het spoor richting Diamou, erg mooie stukken langs het water; echt ATB-en of lopen... Na Diamou gaan we op zoek naar de watervallen, we doen een hele ochtend over de laatste 12 km , maar het is de moeite waard! De rest van de dag blijven we er; lekker relaxed. De meeste mensen nemen vanaf Bafoulabe de route langs het stuwmeer, maar wij blijven langs het spoor. Vanaf daar zien we een paar dagen lang geen enkele auto en rijden we op de fietspaden van de locals. Dit houdt toch ook wel in dat we af en toe moeten lopen en duwen; maar het is wel leuk en we komen elke keer in leuke kleine dorpjes waar ze ons de weg weer wijzen. Vanaf Kita is er een gravelweg naar Kati en vanaf daar is het asfalt naar Bamako, dit voelt ineens heel saai! De gravelweg is wel erg stoffig en ik draag een stofkapje als er een auto of vrachtwagen passeert; gelukkig is dat niet vaak: Maar in Bamako zijn we helemaal rood van het stof.

In Bamako logeren we bij de nonnen; lekker rustig; ruimte om de fiets neer te zetten en schoon te maken en nog in het centrum ook.