Senegal [aardrijkskunde] 2 (officieel: République du Sénégal), republiek in West-Afrika, 196!722 km2, met 8.468.000 inwners (43 per km2); hoofdstad: Dakar. Munteenheid is de CFA-franc, onderverdeeld in 100 centimes. Nationale feestdag is 4 april, Onafhankelijkheidsdag.
Landschap en plantengroei
Het landschap bezit weinig reliëf en ligt bijna geheel beneden de 100 m; alleen in het zuidoosten rijzen uitlopers van het Fouta-Djalongebergte tot boven de 400 m hoogte. Vier grote rivieren doorsnijden het land: de Senegal, de Saloum, de Casamance en, vnl. in Gambia, de Gambia. Men kan in Senegal de volgende grote natuurlijke landschappen onderscheiden: a. Het dal van de Senegal, 800 km lang. Het hoofddal heeft een breedte van 15–20 km en bevat vaak verscheidene stromen met tussenliggende eilanden. Ten westen van Dagana splitst de Senegal zich in een groot aantal, deels verlaten, rivierarmen die samen de moerassige delta vormen. b. Het Cayorkustgebied ten noorden van Gambia. Achter de vlakke kust strekken zich deels begroeide duinenrijen uit, die zich tot 20 km landinwaarts voortzetten. Tussen de duinen bevinden zich moerassige depressies en meertjes. Het schiereiland Cap Vert (Kaap Verde) is ontstaan door tertiaire vulkanische activiteiten die met name ten zuiden van het schiereiland eilandjes langs de kust deden ontstaan, welke zich later verbonden met het vasteland. c. De centrale vlakte strekt zich achter het Cayorgebied uit ten oosten van de spoorlijn Saint-Louis–Dakar en ten noorden van Gambia. Deze zandige laagvlakte kent in het noorden een spaarzame steppevegetatie, die in het zuiden overgaat in een meer savanneachtige begroeiing. Naar het oosten toe wordt het landschap droger. d. De Casamance, het gebied tussen Gambia en Guinee-Bissau, is min of meer van de rest van het land gescheiden. De neerslag is groter en de vegetatie daardoor rijker, vooral bij de monding van de Casamance.
Dierenwereld
De dierenwereld van Senegal bestaat voornamelijk uit savannefauna; dieren als olifanten en giraffen bereiken hier hun noord- en westgrens (zebra's komen al niet meer zo ver westelijk voor). Van de buffel is hier alleen de kleine roodbruine bosvorm bekend. Het Niokolo-Koba nationale park met aansluitende wildreservaten is een centrum van wetenschappelijk onderzoek en huisvest o.a. nog olifanten, giraffen (zeldzaam) en talrijke antilopen waaronder de westelijkste vorm van de paardantilope en de zeldzame reuzenelandantilope; aan roofdieren komen hier o.a. voor leeuw, panter, gevlekte en gestreepte hyena. Het Djovol nationale park omvat de delta van de Senegalrivier. Dit is een belangrijk waterwildreservaat; aan zoogdieren is er o.a. het wrattenzwijn algemeen aan te treffen.